De meeste zorg gaat naar vrijwilligers
het gaat om waken bij terminaal zieke mensen, denk je al snel dat de zorg naar hen en hun mantelzorgers gaat. Toch gaat de meeste aandacht vanuit ZwolleDoet! naar de vrijwilligers. ‘Daar ben ik veruit het meest mee bezig’,
zegt coördinator Mieke Voswijk. ‘De kwaliteit van het waken is immers volledig
afhankelijk van hoe een vrijwilliger erin zit.
Het begint al bij de kennismaking met de vrijwilliger die interesse heeft in dit vrijwilligerswerk. De belangrijkste vraag die Mieke dan stelt, is: hoe komt het dat je hier belangstelling voor hebt? ‘Als iemand dan zegt: ‘vorig jaar is mijn partner overleden’ en in huilen uitbarst, dan weet ik dat het voor die persoon nog te vroeg komt om dit vrijwilligerswerk te gaan doen.
Het is mijn taak om goed te luisteren. Soms hoor ik tussen de regels door dat iemand vooral graag iets met mensen wil doen en verder niets heeft met ‘het eind van het leven’. Dan help ik ze op weg in ander vrijwilligerswerk in de informele zorg. Het gaat erom dat we de juiste vrijwilligers op de juiste plek hebben.’
‘Even je verhaal kwijt kunnen, maakt dat je dit volhoudt‘
Belangrijke info delen
Als een vrijwilliger wordt ingezet, vind ik het belangrijk dat die alle relevante informatie heeft. Stel, er is ruzie in de familie van de terminaal zieke. Dan moet de vrijwilliger dat weten, zodat die de situatie die hij of zij aantreft, direct in de context kan plaatsen. Tegelijkertijd heb ik ook te maken met de privacy van de familie. Wat ik dan vaak doe, is de vrijwilliger even bellen. Dan hoef ik niks op papier te zetten, maar kan ik de vrijwilliger wel informeren. Ik zeg dan bijvoorbeeld ‘de verhoudingen in
de familie zijn niet optimaal’.’
Ook vrijwilligers gaan met pensioen
Soms zit iemands tijd erop als vrijwilliger. ‘Voor sommigen worden de nachten te zwaar naarmate ze ouder worden’, zegt Mieke. ‘Die vrijwilligers geven zelf aan dat ze niet meer in de nacht willen waken of überhaupt met dit vrijwilligerswerk willen stoppen. Af en toe is het nodig dat ík voor iemand beslis om te stoppen. Zo was er een vrijwilliger die dementie kreeg. Zelf had ze niet door dat ze dingen vergat, maar soms vergat ze gewoon helemaal om naar een inzet toe te gaan’, blikt Mieke
terug. ‘Maar in dit werk kun je je afspraken niet vergeten. Bovendien, hoe wisten we zeker dat zij midden
in de nacht tijdens een inzet niet iets over het hoofd zag?’
Meedenken met vrijwilliger
Als een vrijwilliger zijn verhaal kwijt wil, is Mieke er altijd. ‘Even je
verhaal kwijt kunnen, maakt dat je dit vrijwilligerswerk volhoudt. Laatste belde een vrijwilliger om te vertellen over een mantelzorger die zijn dierbare niet kon loslaten. Degene die op sterven lag, moest in de ogen van de mantelzorger steeds nog even een slokje drinken of een kusje krijgen. Terwijl de vrijwilliger als buitenstaander zag dat de zieke rust wilde. Wat ik dan doe is luisteren. Soms kan ik ook een tip geven. Bijvoorbeeld om een kop koffie te
drinken met de mantelzorger. Dat kan de rust creëren om te accepteren dat de zieke aan het eind van zijn leven is.’
Ook aandacht voor privé
Vrijwilligers vertellen de coördinator ook vaak over hun privésituatie. ‘Als er iets speelt dat hen hoog zit, is dat
voor mij en mijn collega-coördinator belangrijk om te weten’, zegt Mieke. ‘Soms heeft iemand zelf in zijn eigen situatie te maken met het overlijden van een dierbare. Dan is het niet meer dan logisch dat we diegene even niet
inzetten. Dan is er tijd en aandacht voor hun eigen proces. Diegene blijft evengoed aan ons team verbonden. En als de tijd weer rijp is, kan diegene op zijn eigen tempo weer aan de slag.’